Pleio

Engels | Nederlands

Elk probleem heeft wortels – net zoals de oplossing ze nodig heeft

    Peter Paul J. Doodkorte
    • iedereen (publiek zichtbaar)
    • 119
    Door Peter Paul J. Doodkorte 1312 dagen geleden

     0/5 Sterren (0)

    Het laatste dat een vis zal ontdekken is het water waarin hij zwemt. Net als vissen nemen wij mensen de context of ‘de grote samenhang’ als iets vanzelfsprekends. Terwijl die bepalend is voor de ontwikkeling van wie en wat wij zijn. Als je goed gebruik van maakt van de context, dan levert die vaardigheid je een duidelijk voordeel op ten opzichte van de vis. Ze stelt je in staat om het water waarin ze zwemmen te veranderen.

    Deze week leerde ik Ton en Linda kennen. Ton is nagenoeg blind. Het gevolg van een genetisch bepaalde oogziekte. De prognose – op den duur – is volledige blindheid. Desondanks leidt Ton – samen met zijn zoon – met veel succes een bedrijf dat geluids- en lichtinstallaties voor evenementen en televisieprogramma’s verzorgt.

    Als Ton of Linda mij niet van zijn beperkingen hadden verteld, verkeerde ik nu nog steeds in zalige onwetendheid daarover. Dit was/is het gevolg van de naadloze en tegelijk welhaast onzichtbare wijze waarop Ton en Linda elkaar  aanvullen. En zo leerde ik deze week dat het exploreren van de eigen kracht van mensen samenhangt met de kracht van de omgeving van mensen. Met een duur woord: de ‘context. ‘

    Bij de doorontwikkeling van het sociaal domein, waarbij het eigen kracht denken centraal staat is er volgens mij nog onvoldoende aandacht voor de omgeving van de mensen. Als wij de eigen kracht van mensen willen simuleren of (verder) ontginnen, dan doen wij er goed aan de contingentie (externe omgeving) in de gaten te houden en te begrijpen.

    Dit inzicht sluit aan bij de uitkomsten van een gesprek dat ik juist vorige week voerde met een collega van mij. In dat gesprek verwonderden wij ons er samen over dat gemeenten nog zo weinig doen met de onvoorstelbare hoeveelheid data waarover zij beschikken als het gaat om de omgeving waarin hun inwoners wonen, werken en recreëren.

    Gemeenten, provincies, ministeries, koepel- en belangenorganisaties monitoren zich suf. Tientallen beleidsonderwerpen, van onderwijs tot zorg en welzijn, van buurt tot veiligheid, van werk tot vrije tijd. Elk beleidsveld wordt tot in de diepste poriën in beeld gebracht. Zo ontstaat er per beleidsterrein een prachtig inzicht. Maar wat wij verzuimen – of althans te weinig doen – is die verschillende datastromen van die te onderscheiden monitoren met elkaar verbinden. Het gevolg daarvan? Jawel: een kokervisie op elk beleidsterrein afzonderlijk.

    Als wij de schat aan data uit de verschillende databanken aan elkaar zouden koppelen, zouden wij voor de doorontwikkeling van het sociaal domein beschikken over een panoramaal beeld van de context waarbinnen mensen zich kunnen of moeten ontwikkelen. Een dergelijk panorama zou ons ook meer kunnen doordringen van de betekenis van de verschillende externe factoren die de eigen kracht van mensen stimuleert of juist belemmert. Eigen kracht exploreren is dus ook een zaak van het creëren, vormen en beïnvloeden van context.

    Als gemeenten vormgeven aan de structuur van de leefomgeving van hun inwoners, dan creëren zij context. Als ze nadruk leggen op het aannemen van nieuwe ideeën of een nieuwe visie of missie ontwikkelen, dan creëren ze context. En als ze zwoegen en besluiteloos zijn, als ze om moeilijke zaken heen draaien of onbedoelde boodschappen naar hun inwoners uitzenden, dan creëren ze context.

    Context creëren is de fundamentele kunst en taak van overheden. Het gebeurt voortdurend. Goedschiks en kwaadschiks. Toch wordt het grotendeels op pijnlijke wijze genegeerd en niet begrepen. Ze leggen meestal de nadruk op persoonlijke kwaliteiten van de inwoners, of op het gedrag daarvan. Ze focussen zich meer op de persoon – of erger nog: de processen –, dan op voedingsbodem die hem of haar of het proces beïnvloedt.

    Bij de doorontwikkeling van het sociaal domein dreigt eenzelfde insteek.  Gemeenten neigen er toe – helaas deels ook gedwongen door het zwabberende en met horten en stoten gepaard gaande decentralisatiebeleid van het Rijk – hun aandacht te richten op het goed organiseren en inregelen van de instrumenten (participatiewet, AWBZ, Wmo, Jeugdwet, Passend Onderwijs) zelf. Of op het (financieel) beheersbaar houden daarvan. Programma’s, ontworpen om bijvoorbeeld eigen kracht te verbeteren, worden geïmplementeerd in een bureaucratische context. En daarmee wordt ook de eigen kracht zelf ‘gebureaucratiseerd’. Empowerment van mensen in een bureaucratie zal de bureaucratische ‘mindsets’ en structuren dus in stand houden en niet bijdragen aan het uiteindelijk beoogde resultaat of de vorm die dat krijgt. Gewoon, omdat de context waarin de instrumenten worden gebruikt niet wordt benut.

    Onvoldoende aandacht voor omgevingsmanagement zal er ook toe leiden dat gemeenten vooral bezig blijven met het bestrijden van symptomen. Een reflex die – zeker met de afnemende financiële mogelijkheden – zal leiden tot toenemende frustratie. Want terwijl een afname van bijvoorbeeld zorgconsumptie beogen, zal een toename van de zorgvraag het gevolg zijn. Omdat wij de oorzaken niet wegnemen.

    Symptoombestrijding geeft geen juiste oplossing voor het achterliggende werkelijke probleem. Als we dat willen kennen, en vervolgens tackelen, moeten wij de context beter kennen. En benutten.

    De remedie? Gemeenten moeten meer naar het geheel kijken en dat goed analyseren. Dat vergt een holistische (kennis van het gehele veld) benadering.  Alle facetten in de omgeving van mensen hebben immers met elkaar te maken en kunnen niet los van elkaar worden gezien. En de daarvoor benodigde data zijn allang beschikbaar. Diepgaand inzicht in de context ontstaat door die data te combineren.  Met deze gecombineerde kennis en analyses worden adequate – want effectieve en efficiënte – strategieën en interventies mogelijk. Datakoppelingen zijn bovendien betrekkelijk eenvoudig, snel en dus ook tegen lage kosten te realiseren.

    Samenvattend

    Bij het stimuleren en exploreren van eigen kracht bepaalt de context de gang van zaken. Effectieve gemeenten bedrijven dan ook  de kunst van het ‘context managen’. Zij weten hoe ze de context binnen hun leefgemeenschap kunnen beïnvloeden en zetten deze invloed in om een omgeving te creëren waarin wenselijke initiatieven goed gedijen. Ze zetten geen nieuwe projecten op in de oude setting. Ze vinden manieren om nieuwe situaties te scheppen die de kansen op succesvolle veranderingen maximaliseren. Ze zetten ‘pilots’ op en experimenteren, en maken zich de kunst meester van het creëren van successen, die het podium vormen voor verdere successen. Zo creëren zij een sneeuwbal effect dat de zo gewenste grote transformatie van het sociaal domein teweegbrengt.

    Door integratie van al aanwezige databestanden ontstaat grip op de nu veelal nog ontbrekende schakel: de context. Er ontstaat daarmee een verbeter-instrument dat de weg opent naar echt omgevingsmanagement. Dat op haar beurt  draagt bij aan het realiseren van de strategische (en financiële) doelstellingen van gemeenten. En tenslotte: door in te spelen op de omgeving van mensen kunnen zij de eigen kracht van elke individu daarbinnen meer en beter benutten en (doen) exploreren. En daar gaat het om. Toch?

    Zie ook: http://peterpauldoodkorte.wordpress.com

    Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers