Pleio

Engels | Nederlands
Young@Heart

Young@Heart

Netwerk van VenJ-ers en BZK-ers met wat meer (dienst)jaren en ervaring

 4/5 Sterren (1)

Gerelateerde blogs

Young@Heart nu ook op Pleio

Young@Heart nu ook op Pleio

Young@Heart, het netwerk van (oud-)medewerkers...
Vitaal door blijven werken vraagt om een vitale bedrijfscultuur

Vitaal door blijven werken vraagt om een vitale bedrijfscultuur

Een recent onderzoek laat zien dat niet specifiek...
Beeld en werkelijkheid

Beeld en werkelijkheid

Hoe kijken oudere werknemers naar hun werk, de...
Over de Vendrikregeling, of: plast er iemand naast de FPUpot?

Over de Vendrikregeling, of: plast er iemand naast de FPUpot?

Alle collega’s die nu 63 jaar zijn of ouder:...

Ons kent ons? Over het vakmanschap van oude en jonge ambtenaren

    Max Kommer
    • iedereen (publiek zichtbaar)
    • 230
    Door Max Kommer in de groep Young@Heart 1296 dagen geleden

     0/5 Sterren (0)

    Jongere ambtenaren hebben een andere oriëntatie op het werk dan ouderen. Hun motivatie is anders. Zij hechten minder aan de publieke zaak en meer aan geld en persoonlijke carrière. Zij leggen andere maatstaven aan voor kwaliteit en integriteit, hun binding met de organisatie is losser. Als de jongeren de ouderen aflossen krijgen we een andere overheid.…

    Het beeld klopt niet: geen grote verschillen tussen jong en oud

    Dat beeld wordt vaak geschetst. Maar een onderzoekje onder jongere (tot 35 jaar) en oudere (vanaf 50 jaar) ambtenaren van BZK en VenJ bevestigt dat beeld niet. Dat onderzoekje werd door Thijs Jansen (Universiteit van Tilburg, School voor Politiek en Bestuur) met 24 van zijn studenten uitgevoerd. Er zijn geen grote verschillen in oriëntatie op het werk. Jongeren vinden effectiviteit en efficiency net ietsje belangrijker, maar rechtsgelijkheid en rechtszekerheid én zorgvuldigheid scoren bij beide groepen zeer hoog. Anders dan velen denken: jongeren hebben niet minder bewust voor een publieke functie gekozen dan ouderen, maar vaak juist bewuster.

    Dat zal ook te maken hebben met het feit dat de laatste generaties specifiek daarop gerichte opleidingen (bestuurskunde) kunnen kiezen.

    Flexibilisering maar wel vaste waarden nodig

    Op 7 maart 2013 hebben we de resultaten besproken in een lunchbijeenkomst met 25 deelnemers: onderzoekers, jongere en oudere collega’s. Natuurlijk is het geen representatief onderzoek. Het is explorerend maar kijkt bij een kleine groep respondenten op onze ministeries (24) wel iets dieper dan de meeste enquêtes doen. Het kaart enkele vraagstukken aan die voor het overheidspersoneelsbeleid van de toekomst van belang zijn. Jong en oud zijn niet tegen flexibilisering, maar er zijn voor beide groepen wel degelijke vaste waarden waar men aan hecht. Ook op dat vlak dus vooral accentverschillen tussen jong en oud. Jong hecht zeker aan een vaste werkplek met een vaste aanstelling. Ouderen hechten meer aan de inhoudelijke kanten van hun werk en het behoud daarvan. Vandaar dat zij nadruk leggen op het belang van kennisoverdracht. Maar jongeren hebben wel veel last van de groeiende onzekerheid. Dat op zichzelf geeft ook de spanningen tussen jong en oud: hier en daar heerst het gevoel dat ouderen de toekomstige loopbaan van jongeren versperren. Deze thematiek heeft de aandacht van OBR, Betty Feenstra ontwikkelt een programma voor duurzame inzetbaarheid.

    Professionele ruimte: als je die niet ziet dan is die er niet

    Opvallend is dat zowel jong als oud de professionele ruimte klein acht. Men is in de meeste gevallen ook niet actief op zoek naar die ruimte. De onderzoekers vinden het daarbij ook moeilijk vast te stellen vanuit welk perspectief de ambtenaar adviseert: vakinhoudelijk dan wel vanuit eigen politieke overtuiging. Jongere ambtenaren lijken hier sneller geneigd de ambtelijke onafhankelijkheid ondergeschikt te maken aan waarden van effectiviteit en snelheid en mee te gaan met de vluchtigheid van de politiek en de media-aandacht. Thijs Jansen en zijn collega’s doen in Tilburg onderzoek naar de professionele stijlen in de publieke sector. De uitgangspunten van Good Work zijn excellence (bekwaamheid), engagement (betrokkenheid) en ethics (betrouwbaarheid). Binnen die uitgangspunten worden waarden van vakmanschap onderscheiden die ook voor de metingen in dit onderzoek zijn gebruikt. Het feit dat mensen weinig professionele ruimte ervaren is een punt dat volgens hem kritische aandacht vergt. Limke Tukker (APS) heeft een rondje gemaakt langs politici en bestuurders, daaruit komt naar voren dat bestuurders het essentieel vinden dat ambtenaren eigen professionele ruimte durven nemen. Thijs Jansen Jansen stelt dat vakmanschap juist tot uiting komt daar waar er professionele ruimte wordt opgezocht, en waar wordt geprobeerd die verantwoord in te vullen. Een ambtelijke code kan daarbij helpen en de ambtelijke eed ook, maar na te gaan is hoe die effectief kunnen worden ingezet als borging van ambtelijke professionaliteit. Geopperd wordt: niet als begin maar juist als sluitstuk van een professionaliseringstraject, waarin de professionaliteit wordt ontwikkeld via trainingen op de spanning die onvermijdelijk optreedt tussen ambtelijke waarden in praktijksituaties (bv. die van rechtsgelijkheid en zorgvuldigheid tegenover efficiency).

    Tekst: Hans Wilmink

    Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers