Pleio

Engels | Nederlands

Hoe een bewonersbijeenkomst kan mislukken door groepsdynamiek

    Fia Sanders
    Door Fia Sanders 1530 dagen geleden Reacties (4)

     3/5 Sterren (1)

    Hoe een bewonersbijeenkomst kan mislukken door groepsdynamiek

    Weerstand? Dan geen bijeenkomst! Dat is mijn devies en was drie jaar geleden ook mijn advies aan de wethouder van een kleine gemeente. Hij was opgezadeld met plannen van de vorige gemeenteraad voor een jeugdhonk in een van de dorpskernen. De nieuwe raad vond dat er een bijeenkomst moest komen om de omwonenden te raadplegen. En ik kon adviseren wat ik wilde, maar de bijeenkomst kwam er en aan mij de schone taak om die voor te zitten.

    Mijn inschatting was dat de bijeenkomst fout zou lopen omdat er grote weerstand was. De kans op een open, eerlijke, evenwichtige bijeenkomst leek mij hoegenaamd nul. Alle tactieken ten spijt. Het beste wat ik kon verzinnen om de boel te redden was om de jongeren zelf hun plannen te laten presenteren. Samen met jongerenwerkers en politie hadden zij werkelijk goed nagedacht over hoe ze overlast konden voorkomen. Ik hoopte dat, oog in oog met de ‘vijand’, de gemoederen van de omwonenden wat getemperd zouden worden en dat een discussie enigszins mogelijk zou zijn.

    Achteraf kan ik heel goed beredeneren waarom een bijeenkomst in deze situatie niet kon werken. Groepsdynamiek is uitgebreid onderzocht in de psychologie en er zijn drie belangrijke redenen waarom een bijeenkomst als deze gedoemd is te mislukken. Ten eerste heeft een groep snel last van groepspolarisatie. Ten tweede zie je in een groep vaak valse consensus. Ten derde is er een groot risico op wij-zij-denken. Ik heb in de praktijk mogen ervaren hoe dat werkt.

    Groepspolarisatie

    Groepsdynamiek zorgt ervoor dat een licht negatieve stemming altijd uitmondt in een zeer negatieve stemming. De mening van de groep polariseert: een mening schuift in de loop van een groepsbijeenkomst op naar een extreem, positief of negatief. De mensen die de bijeenkomst over het jeugdhonk bijwoonden, kwamen daar vooral omdat ze tégen waren. De stemming was dus al negatief.

    De jongeren deden hun verhaal uitstekend. Het waren sympathieke jongens en ze lieten zich, ondanks de zenuwen, van hun beste kant zien. Maar de inwoners zagen vele beren op de weg, terecht of onterecht, dat laat ik hier maar even in het midden. De jongens werden in de discussie gesteund door een politieman en jeugdwerkers. Ze probeerden tot compromissen te komen, de problemen op te lossen, maar de trend was snel gezet en de inwoners leken onvermurwbaar. Dat jeugdhonk mocht er niet komen.

    Valse consensus

    Er gebeurde nog meer. Een paar inwoners had duidelijk het hoogste woord. Ik kon daar als voorzitter niet veel aan doen. De anderen kwamen niet door met een eigen mening. Bij een laatste rondje bleek echter dat twee inwoners helemaal niet zo tegen waren. Die wilden best praten over de mogelijkheden. Maar hun mening kwam te laat en had geen invloed meer op de discussie.

    Hier laat zich het tweede psychologische principe zien: valse consensus. De groep leek het eens te zijn, maar bij nader inzien bleken er toch nog andere meningen te zijn. Sterker nog, als mensen een dag later naar hun mening wordt gevraagd, blijkt vaak dat ze weer terug zijn geschoven naar het midden. Kortom, de overeenstemming die in de groep lijkt te bestaan, is er niet echt als mensen buiten de groep naar hun mening wordt gevraagd.

    Wij-zij-denken

    Het derde probleem dat ik tijdens die bijeenkomst signaleerde was groeiende vijandigheid tussen de groepen. Dit was mijn fout, want ik had geadviseerd om de jongeren te laten komen. Het werd de bewoners tegen de jongeren en dat had ik niet voorzien. Als voorzitter moest ik zelfs ingrijpen omdat het behoorlijk grimmig werd. Eén van de bewoners wees naar een jongere: ‘Jou heb vaker rotzooi zien trappen.’ Hij noemde een voorval met een bouwlift en geloofde duidelijk niets van de goede bedoelingen met het jeugdhonk. De beduusde jongeren waren niet in de positie om hier stevig op te reageren – als ze de vaardigheden al hadden gehad. De wethouder haalde aan het eind nog even fel uit naar het onaardige gedrag van de bewoners tegen de jongeren. Maar helpen deed dat natuurlijk niet meer.

    Er zijn genoeg alternatieven!

    Het jeugdhonk is er niet gekomen, althans niet op die plek. En grappig genoeg kwam er maanden later terug uit B&W: ‘Iemand op de communicatieafdeling is tégen bijeenkomsten.’ Inderdaad, al ligt het iets genuanceerder: Kijk uit met bewonersbijeenkomsten. De kans op foute groepsdynamiek is groot als er weerstand is: polarisatie, valse consensus en wij-zij-denken. Getuige ook de bijeenkomst van minister Cramer in 2011 over de CO2-opslag onder Barendrecht. Zij zou het de mensen wel even komen uitleggen hoe het zat, maar het werkte als een boemerang. Een video van de beruchte bijeenkomst met veel boze burgers staat hieronder.

    Zijn er alternatieven voor een bijeenkomst? Natuurlijk zijn die er. Afhankelijk van je doel (informeren, raadplegen, samenwerken): een spreekuur voor bewoners, een informatiemarkt, de Delphi-methode, diverse methoden via internet, enzovoorts. Laat de raad voortaan maar kaders geven voor de participatie en zich niet bemoeien met de vorm.

    [Als je even snel wilt scannen kun je deze minuten bekijken: begin tot o.01.07, 1.08 tot 1.09.16, 1.16.10 tot 1.17.38, 1.29.08 e.v.] 

    Reacties

    Volgorde van reacties: Aantal: Automatisch laden:
      • Fia Sanders
        Fia Sanders 1524 dagen geleden

        Tuurlijk en makkelijker gezegd dan gedaan. Maar ik heb geen zin om me daarover te verdedigen. Het gaat mij in dit verhaal om de inhoud. Hoe werkt de psychologie in zo'n groep en waarom bereik je niet wat je wilt bereiken ook al heb je nog zulke nobele ;-) doelen. Met die psychologische kennis zouden wij communicatieadviseurs én beleidsmensen veel meer kunnen doen zodat we met z'n allen (inclusief burgers!) effectiever worden. Bij de afloop van het beschreven project was uiteindelijk niemand gebaat lijkt me.

        • Peter Schuttevaar
          Peter Schuttevaar 1524 dagen geleden

          Dag Fia,

          Tja, het voldongen feit is nu dat de raad een losse flodder heeft afgeschoten en aan gezag heeft ingeboet bij deze bewoners. Het is ook een beetje een taktiek van een wethouder om dan te zeggen dat hij het ook maar in z'n schoot geworpen krijgt. Dan kan ie z'n ambtenaren er op laten zweten en dan kan hij zelf achterover leunen en toezien hoe het mislukt. Zijn eigen reputatie is dan immers niet in het geding, het was niet zijn idee! In zo'n geval is het beter om flink tegengas te geven en samen met de wethouder een werkbaar startpunt op te zoeken. 

          Ik zou dus niet meegaan in de 'voldongen feit' of de 'weerbarstige werkelijkheid' onzin en al helemaal niet met de (onuitgesproken) redenatie dat je de raad niet om een nieuw standpunt kunt vragen, of dat het college geen vrijheidsgraden heeft om een uitspraak van de raad te interpreteren. Dat is dus wat ik bedoel met 'verbinden'. Het gaat hier om een verbindingsvraagstuk tussen politiek en burger en niet om een communicatievraagstuk van politiek naar burger.

          • Fia Sanders
            Fia Sanders 1526 dagen geleden

            Ha Peter, dank voor je aanvulling. Klinkt prima jouw oplossing ware het niet dat we in dit verhaal gewoon voor een voldongen feit stonden. De locatie was al bepaald en moest alleen nog 'even door de buurtbewoners geevalueerd te worden'. Hadden we het van voren af aan kunnen beginnen, was jouw oplossing zeker een goede optie geweest. De praktijk is helaas weerbarstig. Je moet ook een aardige positie hebben om een raadsbesluit weer terug te laten draaien. 

            • Peter Schuttevaar
              Peter Schuttevaar 1526 dagen geleden

              Beste Fia,

              Een bewonersbijeenkomst kan inderdaad niet lukken als je hem op deze manier vorm geeft. Beter is het om als ambtenaar verbindend op treden tussen wethouder en burgers.

              Dat kan door het plan van de wethouder als een uitdaging of een probleem te formuleren. Bijvoorbeeld iets van "hoe kunnen we de jongeren helpen met een betere invulling van hun tijd" of "jongeren hebben geen goede plek en hangen te veel op straat". Etc..

              Met die uitdaging of probleemstelling ga je dan naar de buurtbijeenkomst. Daar zet je alle betrokkenen bij elkaar. Burgers, professionals, jongeren, etc.. Van tevoren heb je met vertegenwoordigers van alle partijen voorgesprekken gehad en je kunt daarom op de bijeenkomst de uitdaging van allerlei kanten belichten. 

              Vervolgens laat je de mensen met elkaar overleggen. In een oriënterende sfeer. Je laat ze kennis maken met elkaar, met de uitdaging en met elkaars standpunt ten aanzien van die uitdaging. Niet op consensus of het formuleren van oplossingsrichtingen aansturen. (en mensen die beweren dat er maar weinig aan 'concrete resultaten' uit de bijeenkomst is gekomen nodig je ze uit voor een college in 'groepsdynamiek').

              Je zorgt er dus voor dat de wethouder aan de ene kant een stapje terug doet en van een uitgewerkt plan een gezamenlijke uitdaging maakt. En je zorgt er aan de andere kant voor dat de burgers geactiveerd worden om over een oplossing mee te denken. Ik noem zo iets een buurtconferentie en die heb ik al meerdere keren met succes georganiseerd.

              Je treedt dan als ambtenaar verbindend op en je kunt de bijeenkomst gewoon door laten gaan. Met een beetje geluk en met voldoende discipline in het college, heb je dan twee bijeenkomsten later een oplossing.

              Groeten van Peter Schuttevaar

              ps: voor wie hier meer over de theorie achter een dergelijke aanpak wil weten, die kan mijn boek 'De Aggregatiemens' lezen (gratis te downloaden via www.aggregatiemens.nl )

            Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers