Pleio

Engels | Nederlands
  • BLOGS
  • MENSKRACHT
  • APPS ALS KETEN(INFORMATIE)SCHAKELAARS OPTIMALISEREN KENNISCIRCULATIE EN VERDIENVERMOGEN!
Menskracht

Menskracht

Inspiratie en ontwikkeling van professionele passie en talent

 3.7/5 Sterren (3)

Gerelateerde blogs

Zijn we ons bewust van de risico's van cybercriminaliteit?

Zijn we ons bewust van de risico's van cybercriminaliteit?

Cybercriminaliteit als ook digitale spionage...
Leert een organisatie dagelijks bij?

Leert een organisatie dagelijks bij?

Werkend leren is effectief en doelmatig en zorgt...

Apps als keten(informatie)schakelaars optimaliseren kenniscirculatie en verdienvermogen!

    Henk Thielens
    • iedereen (publiek zichtbaar)
    • 1263
    Door Henk Thielens in de groep Menskracht 1114 dagen geleden Reacties (2)

     4/5 Sterren (1)

    Op 4 november presenteerde de WRR zijn nieuwe rapport Naar een lerende economie. Investeren in het verdienvermogen van Nederland.

    In het advies constateert de WRR dat er meer aandacht moet zijn voor het verdienvermogen van Nederland. In de afgelopen jaren was het Nederlandse economische beleid vooral gericht op macro-economische kwesties zoals staatschuld en inflatie. Dat was nodig om het hoofd te bieden aan de financiële crisis en de eurocrisis, maar nu begint het dringend te worden om aandacht te besteden aan de instituties en de sociale structuren die op langere termijn het verdienvermogen van Nederland bepalen. Er zijn tekenen dat de financiële crisis en de eurocrisis in een rustiger vaarwater zijn gekomen, maar dat wil niet zeggen dat de Nederlandse economie zich de komende decennia gestaag zal ontwikkelen. Zo'n ontwikkeling vereist dat de Nederlandse economie zich telkens opnieuw kan aanpassen aan nieuwe mondiale omstandigheden en in weet te spelen op nieuwe kansen. Nederland kan zich niet langer onderscheiden op het vlak van monetair beleid, dat in Frankfurt wordt gemaakt, en evenmin door een eigen begrotingsbeleid dat in toenemende mate een zaak is van Brussel. Wat Nederland wèl kan, is investeren in goede opleidingen, goede mensen en veerkrachtige instituties, aldus de WRR.

    Het managen van afhankelijkheden, het bevorderen van productiviteit en het centraal stellen van kennisabsorptie zijn volgens haar de belangrijkste opdrachten bij de verdere ontwikkeling van het verdienvermogen van Nederland. Als onderdeel van een globaliserende wereld zal Nederland moeten inzetten op het hanteerbaar maken van de schokken die daarvan het gevolg kunnen zijn. Nederland staat ook voor de opgave om meer te doen met minder: schaarste aan mensen, grondstoffen en (vooralsnog) kapitaal vereisen innovatieve oplossingen. In een wereld waarin steeds meer kennis beschikbaar is en innovatie op allerlei manieren tot stand kan komen (van goede tot slimme marketing) en producten en productieprocessen meer permanent worden aangepast, is het vermogen om kennis te absorberen en beschikbaar te maken, van groot belang.

    De kernopdracht die voortvloeit uit deze opgaven en uitdagingen is het creëren van een lerende economie. Dit betekent niet primair dat iedereen steeds naar school gaat, maar dat kennis en vaardigheden kunnen circuleren.

    Op basis van meer dan tweehonderd gesprekken met deskundigen in Nederland, casestudies in een aantal andere landen waarbij met nog eens zeshonderd mensen van gedachten werd gewisseld, en een uitgebreide bestudering van de literatuur, formuleert de WRR aanbevelingen. Het rapport is gepresenteerd en overhandigd aan de minister-president Mark Rutte. Het gehele rapport kan hier gedownload worden.

    Vraag is natuurlijk of ook de overheid de ontwikkelingen onderkent en zich afvraagt hoe ze kennis en informatie beter en sneller zou kunnen laten circuleren en hoe en waardoor de kenniscirculatiepush en het verdienvermogen totstandkomen. 

     

    imageDoor te investeren in het ontwikkelen van digitale vaardigheden van mensen kun je kenniscirculatie stimuleren, maar dan moet je iedereen vaardig maken en vraag is of dat wel altijd even efficiënt is. Opvallend is dat er binnen de overheid nog weinig werk wordt gemaakt van apps ontwikkeling en de koppeling met Things. Apps zouden in de veelheid van systemen en bronnen die thans beschikbaar staan grote diensten kunnen bewijzen door de processnelheid en kwaliteit die ze kunnen opleveren. Een app-ontwikkelaar in dienst van de overheid kan maatwerk leveren als hij van binnen uit de organisatie processen leert kennen en kan ontsluiten en modificeren. Als je de overheidsinformatie via (betaalde) abonnementen voor (commerciële) partijen gaat ''vermarkten'' dan kan er een verdienmodel ontstaan, zeker als je dit koppelt aan het op huurbasis digitaal downloaden. Als (overheids)organisaties samenwerken dan zouden ze kunnen servicen door informatie on demand via apps ter beschikking te gaan stellen. Als je in die richting denkt zul je wel "informatiemakelaars'' nodig hebben die via systematische en adequate informatie-ontsluiting de appontwikkeling gaan vormgeven. Hoe zien apps er uit en wat doen ze? Laten we eens kijken naar ontwikkelingen.  

     De straten van San Francisco.

    Als we precies weten waar in een straat nog een parkeerplek is, dan scheelt dat ergernis en frustratie, benzineverbruik en co2. Ook het aantal kleine ongelukken vermindert, want als we alleen maar oog hebben voor een schaarse parkeerplek, dan letten we minder op het verkeer om ons heen, op paaltjes enzovoort. In San Francisco gaat het er inmiddels anders aan toe. Daar is een kwart van de 28.000 parkeermeters gekoppeld aan sensoren in het asfalt en op een smartphone-app kunnen automobilisten zien waar er een plekje vrij is.

    De Hollandse polder.

    Net als fabrieken worden moderne melkveehouderijen tegenwoordig bijna automatisch gerund. De machines en de koeien regelen hun zaken goeddeels onderling.Loopt de temperatuur van een dier op, dan krijgt de boer een seintje via de slimme pil die elke koe heeft geslikt. Ziektes kunnen zo in de kiem worden gesmoord. Ook om te kijken of de koe ontvankelijk is voor bevruchting wordt de temperatuur bijgehouden. Per sms krijgt de moderne boer zijn informatie binnen. Dankzij de oortag weten de voederbakken of ze Bertha 1, 2 of 3 voor zich hebben en zo wordt steeds het ideale dieet geserveerd. Zelfstandig wandelen de koeien naar de melkmachine die automatisch aankoppelt en bijhoudt hoeveel welk dier produceert. Bij afwijkende calcium- of andere waarden kan de melk apart gehouden worden. Een stappenteller houdt van elke koe de activiteit bij. Die informatie is gekoppeld aan de melkproductie en aan het voederpatroon.

    Het slimme pillenpotje in de badkamer

    Als mensen hun medicijnen vergeten, kunnen de zorgkosten snel oplopen. In Amerika bedraagt dit naar schatting jaarlijks 100 miljoen dollar: voor extra bezoek aan huisarts of ziekenhuis. Het GlowCaps-pillenpotje, dat communiceert in een netwerk van huisarts, apotheek, familieleden, patiënt, een handig lampje, de telefoon, internet en e-mail, helpt deze verspilling te voorkomen. Als het tijd is, geeft de GlowCaps een lichtsignaal. Wordt de deksel niet opengedraaid, dan gaat hij zoemen. Zo nodig betrekt de GlowCaps de sociale omgeving. Raken de pillen op, dan ontvangt de apotheek daarvan bericht. Wekelijks komt er een overzicht van de medicijntrouw en de gebruiker kan dat via e-mail delen met arts en familie.

    Kwaliteit water meten via app

    iQWtr staat voor een intelligente (iQ) kwaliteitsmeting (Q) van water (Wtr). De gebruiker doet een hoeveelheid water in het meetinstrument, maakt met zijn smartphone een foto, uploadt die via een app en krijgt meteen inzicht in de kwaliteit van het water. De interpretatie van het kleurenspectrum van het water vormt de wetenschappelijke basis voor de ontwikkeling. Het gebruik van kleurenspectra van oppervlaktewateren om de kwaliteit van het water te bepalen, is voortgekomen uit de wijze waarop satellietbeelden kunnen worden geïnterpreteerd. iQWtr maakt het mogelijk in iedere willekeurige sloot de kwaliteit vast te stellen. Met de app kan nu informatie worden gegeven over de helderheid van water.

    Japanse uitvinding brengt geurbeleving naar I-phone

    Een kookwebsite die etensgeurtjes afscheidt? Een koffie-app die je het aroma van een vers gezette cappuccino laat ruiken? Het Japanse bedrijf Scentee maakt het mogelijk met een opzetstukje voor de iPhone dat verschillende geuren kan verspreiden.

    Zelfrijdende auto en Google Glas.

    Het meest geavanceerde voorbeeld van ‘intelligente digitale dingen’ is de zelfrijdende auto van Google. Ook Audi biedt al zo’n automatische piloot en heeft net als Google een vergunning om er de weg mee op te gaan. De auto’s zijn zich bewust van de omgeving en verwerken per seconde 1 gigabyte aan sensordata. Google Glas wordt in Nederland op experimentele basis ingezet bij ambulancevervoer en operaties. 

    Digitale wereld verandert de financiële industrie

    Er zijn al tal van digitale experimenten gestart om financiële services te veranderen of te verbeteren. Via PayPal kan er bijvoorbeeld geld overgeboekt worden met behulp van email. American Express heeft samen met Twitter een service om te betalen met een tweet. Amazon heeft een eigen geldeenheid en Facebook experimenteert met betalingen via de user login. Op het gebied van betalingen zijn er innovatieve mogelijkheden bij gekomen zoals iZettle en Ixaris.

    En dit rijtje is nog lang niet af. Voice payment is ook al mogelijk en self-pay is ideaal om het wachten in lange rijen bij balies te verkorten. Er lopen verschillende experimenten met person-to-person mobiele betaling. Waarom ook niet als beide personen een computer in hun binnenzak hebben? Ook spelen banken steeds serieuzer in op sociale media. Bij ABN Amro kunnen er in de  bank app bijvoorbeeld foto’s uit sociale media worden toegevoegd. Zo wordt bankieren een stuk leuker.

    Uiteindelijk is al deze technologie bedoeld om services van financiële dienstverleners persoonlijker te maken. Dat is een mooi uitdaging voor een industrie die de laatste jaren zwaar heeft geleden onder reputatieverlies. Uit onderzoek blijkt dat een groot deel van de private wealth klanten vindt dat ingewikkelde zaken beter begrepen kunnen worden door het gebruik van digitale tools. Ook slimme startups als Nutmeg spelen hier op in. Met hun app en site kan online het eigen financiële portfolio worden beheerd.

    Technologie giganten als Google hebben de potentie van de financiële industrie al eerder ontdekt. Met hun pakhuizen aan data breken zij in op bestaande distributiemodellen omdat zij veel waardevollere informatie over klanten bezitten dan de verzekeraars of banken zelf. Google Insurance bestaat al in Engeland en werd recent geïntroduceerd in Duitsland. Daarnaast houdt Google zich ook bezig met betalingsverkeer via Google Wallet.

    Crowdfunding is ook al zo een voorbeeld hoe anders de financiële wereld gaat functioneren door ‘digitale indringers’ van buiten. Kickstarter haalt jaarlijks honderden miljoenen euro’s op voor financiering van nieuwe initiatieven. Banken spelen hier geen rol meer.

    Het zijn allemaal voorbeelden van een snel veranderende financiële industrie waarin services met behulp van technologie persoonlijker worden of meer onderdeel van een netwerk werken. Digitale technologie breidt de relatie met de klant uit door nieuwe services te bieden. Banken en andere financiële instellingen zullen steeds meer op dit vlak hun onderscheidend vermogen gaan tonen aan hun klanten. Doen ze dit niet, dan zullen nieuwe partijen als Kickstarter, Google of Nutmeg graag in dat gat springen.

    Intelligente Things functioneren in een totaalplaatje

    Rondom relatief simpele activiteiten als parkeren en medicijngebruik, of in grotere procesketens zoals in de veehouderij, wordt verspilling met digitale Things succesvol aangepakt. San Francisco heeft meer parkeerinkomsten, minder parkeerbonnen, minder parkeerpolitie, minder luchtvervuiling en minder ongelukken. De automobilist is daar ook bij gebaat en ervaart in eerste instantie extra gemak. Bij GlowCaps wint de patiënt, omdat hij niet onnodig naar de dokter hoeft en de voorraad pillen automatisch op peil blijft. De overheid is blij omdat de zorgkosten onder controle zijn, de arts en het verplegend personeel worden minder belast, en de familie weet precies hoe de vork in de steel zit. Een dergelijke totaalblik op verspilling kan met digitale dingen worden omgezet in slimme toepassingen.

    Naar cyberfysieke systemen

    Anno 2013 is de digitale Things-ontwikkeling, in een ‘smart’ stroomversnelling terechtgekomen. Met onze automobiel als Smartphone-on-Wheels, slimme straten die weten waar er een plekje vrij is en een slimme pillendoos die uiteindelijk kan uitgroeien tot een veel slimmer zorgsysteem waar HealthVault een voorschot op is. Een gezonde, slimme mens in een dito leefomgeving. Zonder verspilling van zijn tijd en van alle gemakken voorzien.

    Hetzelfde geldt voor fabrieken, winkels, steden, waar het onnodige en overbodige uit gaat verdwijnen. In combinatie met die mens (de klant, burger of medewerker) en dankzij cyberfysieke systemen komt alles nader en dichter tot elkaar. Dat is de doelstelling van de digitale koppeling van objecten en systemen: allemaal menselijke (sm)artefacten die een organisch functionerende, goed georganiseerde wereld mogelijk maken in dagelijkse domeinen en ons complete ecosysteem: natuur en klimaat inbegrepen.

    Het vereist wel dat behalve aan technische maakbaarheid, organisatorische uitvoerbaarheid en economische haalbaarheid ook integraal aandacht wordt geschonken aan sociale wenselijkheid.

    In 2011 publiceerde adviesbureau Casaleggio Associati de volgende taxonomie van de ontwikkeling van het ‘Internet of Things’. Vijf domeinen worden onderscheiden: 

    de wereld als index; de wereld online brengen; de wereld besturen; dingen met elkaar laten praten; intelligente digitale dingen.

    Onder intelligente dingen verstaan we:

    Fysieke objecten die informatie verzamelen, verzenden en in meer of mindere mate autonoom handelen. Hoe rijker de informatie en het gebruik op basis van software en vaak ook sensoren, des te slimmer het ding en de toepassing in kwestie is.

    Zien we hoe de wereld verandert en wat de betekenis van het Internet of Things is?

    Ik denk dat veel (overheids)organisaties zich nog onvoldoende bewust zijn dat het zaak is om meer met de mogelijkheden van apps te gaan doen omdat hierdoor verspilling wordt tegengegaan en ''informatiemakelen'' door de snelle technologische ontwikkelingen veel kansen en mogelijkheden biedt om zaken intelligenter en slimmer te doen.  

    Sinds 1999 is onze digitale samenleving een aantal malen op de schop gegaan: met sociaal (Web 2.0); met mobiel, multi-touch en apps; met Big Data en Analytics; en met cloud computing. Samen staan ze bekend onder het acroniem smac, van Social, Mobile, Analytics en Cloud. De convergentie van deze vier wordt algemeen erkend als een technologiegedreven kracht met een grote impact op organisaties, individuen en samenlevingen. Vanwege smac zijn de mogelijkheden van nieuwe kleine en grote cyberfysieke systemen – Things – veel groter, momenteel met name dankzij de smartphone als dashboard voor slimme apparaten en hun toepassingen. Sociale netwerken, Mobiele platforms en apps,  geavanceerde Analytics en Big Data, Cloud en de kunstmatige intelligentie van smact, miniaturisering, goedkope sensoren, smartphones  in de broekzak van miljarden mensen, autonome systemen, betere batterijen, zelfrijdende auto’s en slimme software in de cloud laten er geen twijfel over bestaan: alles is terug te brengen tot de keten human-to-machine  en machine-to-human die steeds verder ingrijpt in het leven zelf.  Maar slimme (smart steden, kunstmatige intelligentie, smartphones, digitale surveillance  enzovoort) zijn niet natuurlijk niet zonder risico. Smart cyties is overigens een programma dat op Europees niveau door een aantal grote steden met Europees subsidie is opgepakt.

    Industriële controlesystemen (ICS) hebben niet alleen een andere functie en werking dan traditionele ICT-systemen, maar er zijn ook andere risico’s aan verbonden. ICS worden binnen vitale en (andere) industriële sectoren gebruikt voor de automatische monitoring en besturing van fysieke processen. Voor de productie, het transport en de distributie binnen de energie- en drinkwatervoorziening wordt gebruikgemaakt van ICS. Ook de productieprocessen van raffinaderijen, de chemische, farmaceutische en voedingsmiddelenindustrie worden (grotendeels) aangestuurd door ICS. Daarnaast worden ICS steeds vaker toegepast binnen de verkeersinfrastructuur (verkeersregeling, bruggen, sluizen, tunnels) in gebouwbeheerssystemen (klimaatcontrole, brandmelding, verlichting) en voor toegangscontrole (slagbomen, elektronische hekwerken). In het verleden communiceerden ICS rechtstreeks met elkaar in een gesloten netwerk, de systemen waren niet gekoppeld aan het internet of andere netwerken. Tegenwoordig zijn ICS echter vaak gekoppeld aan de kantoorautomatisering van het bedrijf en ook toegankelijk via het internet. Dit brengt bepaalde veiligheidsrisico’s met zich mee, waar niet altijd rekening mee wordt gehouden. In de media worden SCADA (Supervisory Control And Data Acquisition) systemen dikwijls gelijkgesteld aan ICS. In het nieuws wordt dan bijvoorbeeld gesproken over ‘beveiligingsproblemen met SCADA-software’ of over ‘SCADA-lekken’. ICS is echter een algemene term die verschillende soorten controlesystemen omvat, waaronder SCADA.

    Binnen ICS-omgevingen wordt steeds vaker gebruikgemaakt van generieke ICT-middelen. Dit geldt niet alleen voor hardware, maar vooral ook voor software zoals besturingssystemen, webtechnologieën en databases. Gebruik van deze producten heeft weliswaar veel voordelen (zoals lagere kosten), maar heeft ook tot gevolg dat kwetsbaarheden in deze producten een springplank kunnen vormen voor uiteindelijke manipulatie van de procesbesturingen.

    Vandaar dat we naast de technologische maakbaarheid en de organisatorische uitvoerbaarheid ook aandacht moeten gaan besteden aan veiligheidsrisico's, de economische haalbaarheid en de sociale wenselijkheid. 

    In het onderzoeksrapport Things-internet van Businesskansen wordt aangegeven waar voor het bedrijfsleven kansen liggen en het blijkt dat de focus nu vooral nog ligt op mobiel en lifestyle. Tot 2015 gaat smac vooral over de doorontwikkeling van betaalbare mobiele devices met steeds betere functionaliteit en apps. Ondertussen grijpt de digitalisering van het leven verder en sneller

    image

    om zich heen. De huidige focus vanuit smac op smartphones en tablets voor de volgende paar miljard mensen volgt op de adoptierace met pc’s en pda’s, en separaat die van mobiele telefoons en spelcomputers. Pc’s en pda’s waren en zijn bestemd als productiviteitstools voor kenniswerkers. Veel van de standalone op kantoorautomatisering gerichte functionaliteit werd niet gebruikt. Met apps op always-on en always-online aanraakschermen is dat heel  anders. Het traditionele pc- en pda-gebruik loopt nu dus zienderogen in rap tempo terug. Vanuit de lifestylehoek vervangen betaalbare smartphones, tablets en hun apps grotendeels in één klap de pc, de pda, de telefoon en de spelcomputer. Sensoren en gps koppelen ze aan onze zintuigen en locatie.

    De volgende stap is smac + things

    In onderstaande publicatie laten de auteurs de verbanden zien.

    imageDe drie communicatienoemers van digitale dingen zijn: human-to-machine (h2m), machine-to-machine (m2m) en machine-to-human (m2h). In meer en minder complexe toepassingsketens komen ze vaak alle drie voor. h2m, m2m en m2h zijn de kern van procesautomatisering, autonome systemen en intensieve interactie met de mens – op basis van beperking van menselijke tussenkomst.

    Een goed handvat om de nieuwe mogelijkheden van Things te spotten is verspilling centraal stellen: verspilling van tijd, geld en productiviteit maar ook onnodige irritatie. Verspilling in de organisatie, in de keten, rond bepaalde gebeurtenissen en verspilling die de klant, de burger of de medewerker ervaart.

    21 sectorstudies die The Industrial College of the Armed Forces, National Defence University, Fort McNair, Washington d.c. in het voorjaar van 2012 heeft gepubliceerd hebben geleid tot Het rapport over de ict-sector – maar het gaat natuurlijk om de bijbehorende businesskansen – en het zet het Internet of Things in het volgende tijdpad:

    0-18 maanden vanaf voorjaar 2012 – die liggen alweer achter ons

    De focus ligt op mobile computing en we zullen een explosie zien van smartphones en tablets. Privacy en security zijn hete hangijzers, met name in de context van cybersecurity en wetgeving. Dit is bewaarheid zoals blijkt uit alle commotie rond de geheime operaties van de nsa en andere geheime diensten. En de echte explosie van devices is eind 2013 begonnen.

    18-36 maanden vanaf voorjaar 2012 – dat is nu

    In deze periode zien we de ‘post-pc-wereld’ en het paradigma van ‘bring your own device’ compleet tot wasdom komen. Tegelijkertijd breidt de connectiviteit zich uit over steeds meer economische sectoren.

    Er is geen reden om voor de komende twaalf maanden hieraan te twijfelen. In 2008 waren er al meer digitale dingen dan mensen met internet verbonden. Inderdaad zien we de mobiele devices de functie op zich nemen van intermediair tussen het bestaande internet en de opbloeiende Things-ontwikkeling.

    3-5 jaar na voorjaar 2012 – dus 18 maanden na nu, in het voorjaar van 2015

    De ontwikkeling van het Internet of Things zet door, met name de autonome Machine-to-machinecommunicatie neemt aanzienlijk toe. Het zogeheten ‘Smart Grid’ (slimme energievoorziening op basis van feedbackloops) gaat zich ontwikkelen en internetconnectivity wordt steeds meer ‘ubiquitous’ en ‘pervasive’ in de cyberfysieke wereld van mensen, dingen, services, apps en websites. Voorbeelden daarvan zien we nu al volop: de ‘Connected Car’,

     

    ‘Wearable Computing’

     

     

    zoals Google Glass en de Nike FuelBand, ‘Industrie 4.0’ ofwel het intelligente Internet of Things voor de Duitse maakindustrie. De Things-ontwikkeling begint in combinatie met smac daadwerkelijk door te breken vanaf begin 2015, dus u moet zich er nu snel op voorbereiden. Intelligente Things zijn aan de consumentenkant de volgende post-pc-fase na de smartphone- en tabletexplosie.

    In de maakindustrie is deze trend al langer gaande met de ontwikkeling van industriële automatisering en ketenautomatisering naar een volwassen Product Lifecycle Management over de hele linie. Een aantal doorbraken zijn nu al bekend die een Things-kantelpunt tegen die tijd extra aannemelijk maken: batterijen worden zienderogen beter; de laadtijd van devices neemt gestaag af; cloudomgevingen worden snel krachtiger en goedkoper; nieuwe interfaces en sensorische vormen van interactie staan op stapel; devices, sensoren enzovoort worden goedkoper. En ook in de autoindustrie zien we nu doorbraken die binnen enkele jaren radicale veranderingen te weeg zullen brengen. Zie bijvoorbeeld autorijden op lucht Een grote bedreiging in Nederland is wel dat er een groot "lek' is in de arbeidsmarkttechniek. Van alle werknemers in Nederland creëren de 20 % technische werknemers in technische bedrijven 27 % van de toegevoegde waarde en 41 % van de productiewaarde in Nederland. En 70 % van de export in 2012 kwam uit technische bedrijven. Daaruit blijkt dat technische bedrijven de meest productieve zijn en dat ze van levensbelang zijn voor export. De uitvoer van producten en diensten naar het buitenland – en de groei daarvan in de afgelopen jaren van economische malaise, heeft de Nederlandse economie ‘op koers gehouden’. Industrie, techniek en export vormen de kurk waar Nederland op drijft. En daarvoor zijn goed opgeleide technici op alle niveaus broodnodig.

     

     

      

     

    Reacties

    Volgorde van reacties: Aantal: Automatisch laden:
      • Henk Thielens
        Henk Thielens 1112 dagen geleden

        Hoe de overheid strategisch kan innoveren en mobiliseren?

         

        • Henk Thielens
          Henk Thielens 1114 dagen geleden

          Kan de overheid strategisch Innoveren?

           

        Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers