Pleio

Engels | Nederlands

Je mag er alleen maar naar kijken…

    Peter Paul J. Doodkorte
    • iedereen (publiek zichtbaar)
    • 1916
    Door Peter Paul J. Doodkorte 1109 dagen geleden

     0/5 Sterren (0)

    Je mag er alleen maar naar kijken…
    • Bestudeer de regels om het beste middel te vinden om ze te overtreden

    Als jong jochie leerde ik het uit volle borst meezingen: “Daar mag je alleen maar naar kijken, maar aankomen niet.”  Toentertijd zei de naam van de zanger (Johnny Hoes) mij eigenlijk niets. Later bleek het een wereldberoemde (in Nederland) zanger van smartlappen.

    “Daar mag je alleen maar naar kijken, maar aankomen niet.” Vandaag de dag zou ik geneigd zijn deze strofe tot verplichte kost voor de dames en heren politici (te beginnen in Den Haag) te verklaren. Want als de dames en heren politici zichzelf serieus nemen bij de omvorming van ons sociale stelsel, dan zou dit hun lijfspreuk moeten zijn.

    De werkelijkheid is anders. Ze kijken er niet alleen naar. Ze kunnen de verleiding niet weerstaan er ook met hun vingers  en meer dan dat – aan te komen. Die bemoeizucht is zelfs zo groot, dat ik hen er bij tijd en wijle van verdenk dat zij diep ongelukkig zijn, wanneer er eens een dag of week voorbijgaat zonder een incident. Want elk incident is de uitnodiging om tot actie over te gaan. En terwijl diezelfde politici ‘moord’ en ‘brand’ schreeuwen over de verstikkende regelzucht en bureaucratie slagen zij er in de daarop volgende zinnen in om binnen een nog korter tijdsbestek met even zoveel nieuwe regeltjes te komen. Om daarmee het eigen initiatief, de eigen verantwoordelijkheid en de eigen kracht rucksichtslos teniet te doen.

    Zeer onlangs vernam ik weer zo’n staaltje van bemoei- en regelzucht. In dit geval op lokaal niveau. Een aanbieder ontving het bericht ontving van een gemeente dat zij als organisatie niet in de volgende fase van een aanbestedingstraject mochten meedoen. Niet omdat hun inhoudelijk aanbod niet op orde was. Dat niet. Maar, omdat zij een hokje onjuist hadden ingevuld. Je wilt het niet geloven, het ging om een aanzienlijk bedrag. Geen telefoontje, geen enkel bericht vooraf. Slechts dit bericht. Terwijl zij notabene in hun voorstel veel Eigen Kracht, veel eigen initiatief en veel eigen middelen hadden verwerkt om zodoende – in combinatie met de middelen – veel extra’s zouden kunnen bieden. Waar moet dit heen? Is dit ons nieuwe voorland? Wel de burger aansporen om op eigen kracht zaken te regelen, particulier initiatief te tonen maar vervolgens als overheid slechts het “paarse” potlood te hanteren! Een succesvolle samenleving is een samenleving waarin het ontwerp de ruimte krijgt en niet de regels en de procedure. Actieve, ondernemende en creatieve burgers en een dienende overheid zijn de pijlers van een succesvolle samenleving. Daarom zeg ik het n og maar eens tegen de dames en heren politici (en hun dienaren): je mag er alleen maar naar kijken, maar aankomen niet!

    De overheid als hardnekkige regelneef getuigt door haar doen (in plaats van laten) ook van een bijzonder ongeloof in haar eigen wetten.

    Dat burgers klagen dat de overheid teveel probeert te regelen is van alle tijden en alle regimes. Dit opiniestuk daarover zal dan ook door zowel enthousiast begroet worden als met schouderophalen genegeerd worden. Toch geven de gebeurtenissen rond decentralisaties binnen het sociaal domein onmiskenbaar aan dat de overheid echt te ver blijft doorschieten in zijn regeldrang. Ik heb het over de gevallen dat de overheid zelf begint te foeteren over de complexiteit en vaak absurditeit van regels die ze prima geschikt acht voor de burger en die ze zelf heeft ingesteld. Het maakt daarbij even niet uit of het gaat over overheden die botsen met eigen regels of regels van andere overheden of met overheidsinstellingen die formaliteiten verlangen. Op zich zou dat nog niet zo erg zijn, voor zover die overheid zich daar sportief bij zou neerleggen.

    Wat verontrust, is de reflex van de overheid. In plaats van snoeien in de frustrerende bemoeizucht laat zij de verdrukkende bureaucratie niet alleen bestaan, maar doet zij er vaak nog een schepje bovenop.

    Is er dan geen hoop? Ik ben een optimist. Maar als ik ‘De Opmars der Dingen’ (Marcel van Dam, Uitgeverij Balans, 1994, ISBN 90 5018 2348) opsla, bekruipt mij ook een gevoel van ongeloof en machteloosheid.

    De rode draad door de columns van de voormalige Ombudsman en VARA-voorzitter vormt zowel een analyse van de toenmalige als hedendaagse maatschappelijke ontwikkelingen. Van Dam pleitte in 1994 al voor een ingrijpende verandering van de cultuur. “Zo ingrijpend, dat je rustig kunt spreken van een revolutie". Die revolutie impliceerde volgens hem "een ernstige bedreiging voor het politieke proces".

    Er was volgens Van Dam een cultuur ontstaan die wordt gekenmerkt door "zelfontplooiing, mondigheid, individuele geestelijke vrijheid en democratische rechten." Volgens hem moest het gevolg zijn dat het belang van de nationale staat als ordeningsinstrument tanende is.

    “De samenleving wordt voor de staat onbestuurbaar en ook daardoor verliest de politiek meer en meer aan legitimiteit.” Een constatering die wij bijna letterlijk terugvinden in het advies ‘Terugtreden is vooruitzien. Maatschappelijke veerkracht in het publieke domein’, een van de recentere rapporten van de Raad voor de Maatschappelijke Ontwikkeling (juli 2013). Het persbericht daarover  stelt: “De beweging van een terugtredende overheid slaagt alleen wanneer maatschappelijke initiatieven ruimte krijgen om publieke voorzieningen naar eigen waarden en inzicht te organiseren. Dat vereist een fundamentele verandering van de verhouding tussen overheid en samenleving op het gebied van zeggenschap, financiering en rechtsstatelijke waarborgen. Ook vraagt het van overheden, politici én samenleving dat zij accepteren dat er meer verschil ontstaat in identiteit, omvang, keuzeaanbod en kwaliteit van voorzieningen als zorg, onderwijs en welzijn.”

    Een overheid die meer aan de samenleving wil overlaten zal moeten erkennen dat maatschappelijk initiatief in de toekomst geen extraatje is voor de organisatie van publieke voorzieningen, maar het uitgangspunt.

    Van Dam spreekt van "Een huiveringwekkend veranderingsproces" dat op gang dient te worden gebracht. Daarbij moet de overheid niet langer pogen de samenleving centraal te sturen, maar dient zij, in nauwe samenwerking met de betrokken partijen, te proberen ontwikkelingen in een bepaalde richting te sturen. De overheid dus, moet als netwerkmakelaar en verlener van faciliteiten. En niet als regelneef en boeman. Maatschappelijke initiatieven kunnen het verschil maken. Juist, omdat zij de dingen anders doen dan de overheid. Het politieke ongemak dat dit met zich brengt, waardoor ‘loslaten’ moeilijk tot onmogelijk is, is daarbij en daarvoor de grootste bedreiging. Daarom dus: “Je mag er alleen maar naar kijken; maar aankomen? Niet!

     

    Voor meer blogs of ander werk zie: http://peterpauldoodkorte.wordpress.com/ of http://deoverkant.wordpress.com/ 

    Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers