Pleio

Engels | Nederlands
Van buiten naar binnen in het ministerie van V&J

Van buiten naar binnen in het ministerie van V&J


 0/5 Sterren (0)

Gerelateerde blogs

The preventive gaze

The preventive gaze

Rik Peeters, The preventive gaze; How prevention...
Onethisch gedrag na goeie voornemens

Onethisch gedrag na goeie voornemens

Uit een metastudie over moral licensing blijkt...
Moreel politiek leiderschap

Moreel politiek leiderschap

Door Paul de GoedeVertrekpunt; observatie in...

Legitimiteit en kwaliteit van de wetgeving

    Hadewych
    • iedereen (publiek zichtbaar)
    • 174
    Door Hadewych in de groep Van buiten naar binnen in het ministerie van V&J 715 dagen geleden

     5/5 Sterren (1)

    Meike Bokhorst, Bronnen van legitimiteit; Over de zoektocht van de wetgever naar zeggenschap en gezag, proefschrift, Boom Juridische Uitgevers, Tilburg 2014.

    Om macht uit te kunnen oefenen zonder enkel fysieke dwangmiddelen toe te passen, heeft iedere machthebber enige vorm van legitimiteit nodig. Zowel de persoon of het instituut (‘de overheid’ bijvoorbeeld) van de machthebber, de normen, regels en gebruiken die aan mensen worden opgelegd, als het beleid, de wijze van toepassing van regels kunnen meer of minder legitiem worden geacht.

    Er zijn tal van definities en omschrijvingen van legitimiteit. Er zijn ook verschillende dimensies te onderscheiden: de ethische (rechtvaardigheid), juridische (wettigheid), politieke (steun en erkenning), en maatschappelijke (acceptatie) dimensie.

    Bokhorst behandelt uitvoerig hoe legitimiteit werkt: wat het is, waar het vandaan komt, hoe het ontstaat en welke effecten het heeft. Nadat ze het fenomeen heeft beschreven, en een uitgebreid model voor de verschillende ‘bronnen’ heeft gepresenteerd waaruit legitimiteit kan worden geput, gaat ze in op het wetgevingsbeleid. De manier waarop, en door wie, staatsmacht wordt uitgeoefend, wordt immers zichtbaar in het wetgevingsbeleid. Bovendien ondergraaft slechte wetgeving, wetgeving die moeilijk uitvoerbaar of handhaafbaar is of op andere punten tekort schiet, de legitimiteit van zowel wetten als wetgever en wetshandhaver.

    De geschiedenis van het wetgevingsbeleid blijkt nog interessanter dan de beschrijving van legitimiteit. Al sinds Geelhoed er (1983) op wees dat de overheid overvraagd werd en overvragend was, is er geprobeerd om te zorgen voor minder, slimmere, doelmatiger regels, die uitvoerbaar en handhaafbaar zijn. Sinds die pogingen zijn uitgemond in het IAK zijn er weinig nieuwe ontwikkelingen van het wetgevingsbeleid. De politiek definieert betere wetgeving steeds beperkter als wetgeving die tot minder administratieve lasten leidt.

    Bokhorst laat zien hoe deregulering leidt tot juridiseringsprocessen. Zonder regels wordt over steeds meer onderwerpen een uitspraak van een rechter gevraagd. Ook waar deregulering leidt tot ‘lagere’ of ‘zelf-’regulering, en daarmee de kwaliteit van regels achteruit gaat, zal er vaker een beroep op de rechter worden gedaan.

    Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers