Pleio

Engels | Nederlands

Hoera, de robots komen!?

    Peter Paul J. Doodkorte
    • iedereen (publiek zichtbaar)
    • 171
    Door Peter Paul J. Doodkorte 682 dagen geleden

     0/5 Sterren (0)

    Hoera, de robots komen!?
    • Je gaat er van houden – ook tegen beter weten in!

    Misschien kent u dit ethische vraagstuk wel: Iemand staat op een brug en heeft de macht om een treinwissel om te zetten waardoor hij bepaalt dat de trein de ene kant op gaat en één persoon overrijdt in plaats van de vijf personen aan de andere kant. Ieder mens kan deze morele beslissing maken en kiest over het algemeen (ongeveer 80 procent) het leven van vijf mensen in plaats van één. Maar wat als diegene iemand van de brug moet duwen om die vijf mensen die de trein anders overrijdt te redden? Dilemma! 80 procent van de mensen kan dit gewoon niet en dat is een menselijke reactie. Gevolg is wel dat er vijf mensen overlijden in plaats van één. Waarom u het niet kunt? Die ene persoon staat letterlijk en figuurlijk dichterbij u: u voelt zich hierdoor meer betrokken bij hem of haar. Wanneer u deze van de brug duwt, voelt u zich hier meer verantwoordelijk voor dan wanneer u kiest voor het laten gebeuren van het treinongeval. Een robot zou koud kiezen voor het duwen van die ene persoon…..

    Robots, er wordt momenteel hard gewerkt aan wat extra helpende handjes in de zorg. Handig bij de flinke toename van zorg door de vergrijzing enerzijds en de afnemend beschikbaarheid van middelen anderzijds. Toch? Maar waar blijft bij de razendsnelle ontwikkelingen op het gebied van robotica de zorg voor meetellen en meedoen? Is de participatiemaatschappij waar wij nu over praten straks een illusie? Gewoon, omdat niemand meer nodig is?

    Wat gaan automatisering en robotisering van arbeid betekenen voor ons beroep en onze baan? Wetenschappers hebben becijferd dat over twintig jaar 47% van onze banen niet meer bestaat. Veel mensen worden vervangen door computers: van caissières tot apothekers, van vertalers tot chauffeurs, van accountants tot chirurgen.

    Op de vraag of het een goed idee is weten wij eigenlijk het antwoord (nog) niet. Wat wij wel weten, is dat er sprake is van een min of meer natuurlijke reflex van mensen om zich tegen dit soort van vooruitgang te verzetten. En ja, ook ik heb mijn aarzelingen. Want terwijl (ook) onze overheid miljoenen investeert in de robotisering van de zorg gaan er tegelijkertijd duizenden banen verloren. Inmiddels zitten wij met ruim 600.000 werklozen op de tribune. Mensen die niet (meer) meetellen en meedoen. Gewoon, omdat er – bij gebrek aan geld – geen (zinvolle) dagtaak meer te vinden is. Paradoxaal genoeg weten wij dat juist een gebrek aan participatie leidt tot meer ongezonde jaren en een groter beroep op de zorg. En dat kost weer miljarden.

    We stevenen af op een samenleving van ouden en zieken, die mantelzorg krijgen van en onderhouden worden door een kleine groep gezonde werkenden. Of door socio-bots dus. Dat alles wekt weerstand.  Want we weten dat het mes van participatie aan twee kanten snijdt: als mensen meedoen aan de samenleving, blijven ze langer gezond; dus kosten ze minder…

    De oplossing van het ene probleem lijkt zo de oorzaak van het andere: Nederland zet zich schrap voor een toekomst waarin er voor veel mensen geen betaald werk meer zal (kunnen) zijn. Door computers, robots en andere vormen van automatisering zal de komende decennia 'een aanzienlijk deel van de bestaande banen' verdwijnen. Robots worden in hoog tempo toegankelijker, betrouwbaarder en goedkoper. Ze zijn goedkoop, snel, nooit ziek en werken 24 uur per dag. De beroepen die zo in de toekomst een hoger risico zitten – zo vrees ik – in het bijzonder in de zorgsector.

    Het klinkt voor velen wellicht nog als science fiction. En toch! Sneller dan jij en ik dit verwachten zal dit werkelijkheid (kunnen) zijn. Leergierige robots zullen op niet al te lange termijn autonoom en in complexe omgevingen allerhande taken (kunnen) uitvoeren. Dat realiseerde ik mij toen ik dezer dagen kennis nam van documentaire 'Ik ben Alice'.

    Alice is een socio-bot. Ontwikkeld door een onderzoeksgroep van de Vrije Universiteit, die probeert uit te vinden hoe de robot zich moet gedragen om de eenzaamheid bij drie vrouwen te verlichten. De focus ligt in het maken van software die menselijke gevoelens als angst, verdriet en woede kan herkennen, daarop kan reageren en deze emotie zelf kan tonen. Alice zal echt contact maken met mensen. Juist datgene waarvoor – volgens verkenningen – in de toekomst geen tijd en geld meer is.

    Kan een zorgrobot als Alice een band opbouwen met ouderen? Die vraag staat centraal in Ik ben Alice. De uitkomst van het onderzoek is voor alle betrokkenen onthullend. Terwijl Alice de wereld leert kennen, ontstaat een nieuwe werkelijkheid. Want, hoe wij als mensen iets doen, dat is niet altijd hoe robots een probleem aanpakken. En als robots zelf-lerend worden en de grens tussen mens en robot gaat vervagen roept dat wel vragen op. Immers: Als robots zelfstandiger worden, en zichzelf kunnen namaken? Gaan ze ons dan overheersen? En zijn er nog banen die niet worden ingepikt door onze mechanische vrienden?

    Als je er over nadenkt, komt er een niet altijd een even positief beeld naar voren. Je realiseert je steeds nadrukkelijke dat het niet zozeer de vraag is óf, maar wanneer in de toekomst een robot je werk gaat overnemen.

    Het gesprek over deze ontwikkelingen zal er door Ik en Alice niet gemakkelijker op worden. Naast vragen over wat die robots gaan betekenen voor de werkgelegenheid, privacy en (andere) ethische vraagstukken komt er stiekempjes ook iets anders om de hoek kijken.

    Mevrouw Remkes komt al twee weken haar huis niet uit omdat de lift stuk is. Mevrouw van Wittmarschen is slecht ter been en mist haar enige zoon die in Portugal woont. En voormalig zangeres mevrouw Schellekens-Blanke ziet het leven somber in nu haar bewegingsvrijheid steeds beperkter wordt. Ondanks hun kleine wereld, zien de bejaarde vrouwen en hun omringende familie en zorgverleners het aanstaande bezoek van zorgrobot Alice argwanend tegemoet. “Kan moeder baat hebben bij aandacht van een gevoelloze pop?” Ook de wijkverpleegster betwijfelt Alice’ geestelijk vermogen. “Wat kan een leuk speeltje, een robot met een lief meisjesgezicht, nou betekenen?”

    Net als de (familie van) de dames zelf en de documentairemakers was ik sceptisch ten opzichte van het overdragen van zorgtaken op robots. Maar gaandeweg de documentaire ga je ook van Alice houden. Of je nu wilt of niet.

    Of dat zo blijft? Gaandeweg de bezoeken van Alice, die door programmeur Desmond Germans bij de vrouwen thuis op de bank wordt geïnstalleerd, ontrolt zich een wonderlijk schouwspel. Mevrouw Remkes heeft al snel haar hart verpand. En ook de dames Van Wittmarschen en Schellekens-Blanke laten hun afstandelijkheid geleidelijk varen; er wordt gekletst, gezongen en gelachen. En terwijl Alice de wereld leert kennen, ontstaat een nieuwe werkelijkheid. Maar de vraag blijft: met minder of meer zorgen over zorg  en toekomst?

    Ik ben er nog niet over uit. Voor hetzelfde geld mondt dit alles uit in een race of rage tegen de robotisering. Ik ben mij in ieder geval meer bewust van de vragen (niet de antwoorden) die ons strategisch kunnen opbreken als we niet meer visionair zijn. Dat vraagt zorgvuldigheid, maar wel snel een beetje. Want ondertussen staan er heel veel mensen langs de zijlijn die drie essentiële zaken voor geluk in het leven definitief dreigen te verliezen: iets te doen te hebben, iets om van te houden, en iets om voor te  hopen! Een samenleving die haar hoofd te ruste moet leggen op de ledigheid die dat met zich brengt, moet voor haar toekomst vrezen.

    “Ik ben Alice” draait vanaf februari in verschillende filmhuizen en zal vermoedelijk ook op televisie komen. De NCRV is mede producent.

    Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers