Pleio

Engels | Nederlands

Ook in nieuw geluk en nieuwe vrijheid moeten wij ons leren schikken

    Peter Paul J. Doodkorte
    • iedereen (publiek zichtbaar)
    • 264
    Door Peter Paul J. Doodkorte 581 dagen geleden Reacties (1)

     0/5 Sterren (0)

    Ook in nieuw geluk en nieuwe vrijheid moeten wij ons leren schikken
    • Chaos is het woord voor een orde die we nog niet begrijpen

    Al langer is er sprake van decentralisaties in het openbaar bestuur. Het meest in het oog springend zijn de decentralisaties in het sociaal domein. Gemeenten nemen taken van de rijksoverheid en provincies over op het gebied van jeugdzorg, werk en inkomen en zorg aan langdurig zieken en ouderen. De aanleiding voor de vernieuwing van het sociaal domein is tweeledig. Ten eerste moet er door de vergrijzing, bezuinigingen en decentralisaties meer gedaan worden met minder middelen. Ten tweede vindt een verschuiving plaats van een verzorgingsstaat naar een participatiestaat, omdat men veronderstelt dat inwoners publieke taken beter kunnen realiseren dan de overheid of de markt. De vernieuwing van het sociaal domein gaat zodoende in de kern om het realiseren van een effectiever en efficiënter sociaal domein. De belangrijkste actoren dienen hiervoor een andere positie innemen:

    • Van de inwoners wordt verwacht dat ze bij het oplossen van problemen meer uit gaan van de eigen kracht en het eigen netwerk en zich in de samenleving actiever opstellen als vrijwilliger.
    • Professionals moeten inwoners ondersteunen in het versterken van de eigen kracht en het bij elkaar brengen van het informele netwerk; alleen als het niet anders kan voeren zij zelf nog de taken uit. 
    • De gemeente moet zich beperken tot het stellen van kaders voor, het faciliteren van en toezicht houden op inwoners en professionals en gaat zich daarnaast ook zelf effectiever en efficiënter organiseren. 

    Deze verandering in het sociaal domein is een belangrijk onderwerp voor gemeenten. Het is een grote bestuurlijke verschuiving van taken, er gaat erg veel geld in om en het raakt veel mensen. Daarom volgt het Rijk de voortgang met een Transitiecommissie Sociaal Domein (TSD). Die bracht onlangs haar tweede voortgangsrapportage uit. De belangrijkste conclusie daarvan: Gemeenten hebben wel een beging gemaakt met de invulling van de veranderingen, maar de beoogde kanteling (transformatie) staat nog in de kinderschoenen. De verbinding tussen Wmo, Jeugd en de Participatiewet wordt nog (te) weinig gemaakt en vernieuwing komt mondjesmaat van de grond.

    Natuurlijk, gemeenten hebben al wat meer handen en voeten gegeven aan het overdragen van overheidstaken  aan inwoners. Maar waar de ene gemeente dat doet door rechtstreeks initiatieven van inwoners te stimuleren, richt de andere gemeente zich vooral op de ondersteuning van eigen kracht door professionals. Ondanks die verschillende accenten is overal te zien dat gemeenten de intentie hebben om meer over te laten aan de inwoner. Ook, al is dat nog niet overal even helder uitgewerkt.  Hieraan liggen verschillende oorzaken ten grondslag.

    De eerste is dat gemeenten en hun partnerorganisaties moeite hebben om zich de nieuwe werkwijze eigen te maken. De kanteling vraagt binnen bestaande instituties ook om een interne herstructurering. Het proces van contact – vraagverheldering – oplossing – arrangement, krijgt alleen de juiste lading als het hele primaire proces daar ook op is ingericht. Dit vraagt een omslag van beleids- naar uitvoeringsregie.

    De tweede oorzaak is gelegen in het diffuse kader dat aan de kanteling ten grondslag ligt. Het is een – meer of minder – beschreven richting, maar voor het stappenproces van (contact – vraagverheldering – oplossing –arrangement) is er geen blauwdruk. Uiteindelijk bepaalt de dialoog met de inwoner het arrangement. Dit vraagt om een dialooggestuurd proces om de gezamenlijke verantwoordelijkheid te benadrukken.

    Dialoogsturing is overigens ook van belang om het voor de veranderingen benodigde draagvlak bij de inwoners te ontwikkelen en te borgen. Het is nog geen vanzelfsprekendheid dat zij de taken die hen toegeschoven worden ook daadwerkelijk zullen (kunnen) uitvoeren. De kanteling van het sociaal domein kan ingrijpende gevolgen hebben voor inwoners,  zowel voor hen die zorg ontvangen als voor hen die het moeten gaan verlenen. Voor sommige zaken zullen inwoners wel vanuit zichzelf van alles willen ondernemen, op andere terreinen niet. Bepaalde taken zullen daardoor blijven liggen. Ten slotte kunnen mantelzorgers overvraagd worden. En dat kan betekenen dat ontplooiingsmogelijkheden belemmerd raken en verschillen tussen sociaaleconomische klassen worden vergroot.

    Dit alles vraagt meer dan een optimistische houding over de verstrekkendheid van de kanteling. Naast  een cultuuromslag en systeemveranderingen betekent dit een (ontwikkel)proces van enkele jaren om tot een gekantelde en duurzame uitvoering te komen.  Belangrijk onderdeel en instrument is – ook volgens de TSD – het instrument van de inkoop en bekostiging van de ondersteuning en zorg. De reden hiervoor is dat gemeenten verschillende keuzes (kunnen) maken voor de inrichting van en de sturing op de gewenste effecten en resultaten.

    Als gemeenten voor hun inwoners de beste kwaliteit en beschikbaarheid van zorg en ondersteuning willen realiseren, maar wel binnen de daarvoor beschikbare middelen, is het nodig dat gemeenten een systeem inrichten dat dit kan/gaat bewerkstelligen. Bekend is immers dat er ‘meer met minder’ moet worden gedaan, dus het moet ‘anders met minder’. Wanneer het niet anders vormgegeven wordt, kan dit leiden tot onverantwoorde financiële consequenties.  

    Deze laatste innovatieroute loopt niet alleen via de inwoners, maar ook via de zorgaanbieders. Ook voor veel andere routes zijn zij overigens van betekenis en belang. Daarom ook is het pleidooi van de TSD – te komen tot een duurzame relatie tussen gemeenten en aanbieders, met concrete afspraken over innovatie – meer dan terecht. Om die reden ook hebben veel gemeenten ook vorig jaar al gekozen voor het bestuurlijk aanbesteden.

    Bestuurlijk aanbesteden is een methodiek waarbij een gemeente langdurige, flexibele convenanten sluit met leveranciers van zorg- en welzijnsdiensten. Deze methodiek erkent en gaat er van uit dat er sprake is van wederzijdse afhankelijkheid tussen de opdracht gevende gemeente(n) en (zorg-) aanbieders. Beide partijen hebben de ander nodig om de eigen doelstellingen te kunnen realiseren. Belangrijke voordelen van bestuurlijk aanbesteden zijn dat de inwoner maximale keuzevrijheid heeft waardoor een zo hoog mogelijke klanttevredenheid bereikt.

    Partijen moeten zich daarbij realiseren dat kwaliteit van zorg en doelmatigheid hand in hand gaan. Aanbieders moeten daarom niet (langer) gefinancierd worden op basis van ingezette producten. Dat is  mogelijk is als we van een product(-ie) gerichte bekostiging overstappen naar een resultaat- of uitkomst-gestuurde bekostiging. Daarom is voor dit jaar een belangrijke opgave om, in overleg met alle partijen te komen tot een breed gedeelde en breed gedragen visie met als uitkomst de introductie van uitkomstfinanciering die ruimte biedt aan innovatieve arrangementen en concrete resultaatafspraken. Dat alles vraagt om rustige onbevangenheid en ruimte voor een tussenperiode waarin wij met tumult, schermutselingen en een ogenschijnlijk nutteloze chaos de bodem leggen voor een orde die wij nu nog niet begrijpen. Want ook dat is kanteling.

     

    Reacties

    Volgorde van reacties: Aantal: Automatisch laden:
      • Jan Wikkerink
        Jan Wikkerink 579 dagen geleden

        Sorry, maar als alle partijen zich in hun eigen modderpoel mogen blijven wentelen, komt het niet echt tot kantelen.

      Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers