Pleio

Engels | Nederlands

Gerelateerde blogs

De geranium heeft zijn tijd gehad….

De geranium heeft zijn tijd gehad….

Zullen we weer eens naar de mensen zelf...
Net als de ander: meetellen en meedoen

Net als de ander: meetellen en meedoen

Een samenleving kan niet bloeien, als het...
Winnen kun je alleen, als anderen meedoen!

Winnen kun je alleen, als anderen meedoen!

Waarom huldigen wij alleen de winnaars?De...
Meedoen is meetellen

Meedoen is meetellen

Meedoen Alle mensen zijn verschillend, maar met...

Iedereen heeft een handvat

    Peter Paul J. Doodkorte
    • iedereen (publiek zichtbaar)
    • 5
    Door Peter Paul J. Doodkorte 16 dagen geleden

     0/5 Sterren (0)

    Iedereen heeft een handvat
    • Aan ons de kunst het op de juiste wijze te vatten

    Ondanks ieders streven de jeugdhulp ‘integraal, toegankelijk en dicht bij het kind’ te organiseren heeft de transitie van de jeugdhulp de afgelopen jaren weinig verandering gebracht. Of het moet de ongelofelijke bureaucratie en verspilling zijn. Van meer preventie, slimmere samenwerking en een einde aan verkokering en perverse prikkels is nog te weinig sprake. De kosten lopen inmiddels de spuigaten uit en zorgaanbieders, individuele hulpverleners én ambtenaren lijken het spoor bijster. Gaat het nog goed komen?

    De vraag naar professionele jeugdzorg stijgt al jaren en de problematiek wordt steeds complexer. Met als gevolg steeds langere wachtlijsten en kosten die uit de hand lopen. Sinds 2015 ligt de verantwoordelijkheid voor de jeugdzorg bij gemeenten. Maar dit leidt nog niet of onvoldoende tot positieve ontwikkelingen. De oorzaak daarvan ligt naar mijn stellige overtuiging in de zucht naar beheersing. Van de kosten bijvoorbeeld. De huidige manier van aanbesteden brengt met zich dat alles draait om de laagste prijs. Willen we de kwaliteit van de jeugdhulp behouden of verbeteren, dan is een andere koers nodig. Snel en drastisch!

    Problemen bij opgroeien en opvoeden worden onnodig vaak bekeken door een psychopathologische bril. Ouders, leerkrachten, hulpverleners en zorgverzekeraars versterken elkaar hierin. De moeder die alles honderd keer moet zeggen, denkt aan een psychiatrische stoornis. School ook, want dan komen extra middelen beschikbaar. De hulpverlener ook want de vergoedingentabel van de zorgverzekeraar is identiek aan het handboek van de psychiatrie. Maar wie is het kind van de rekening?

    Bij moeilijkheden in de opvoeding is de neiging ontstaan met een label het probleem tot een stoornis of een dysfunctie van het kind te maken, om Micha de Winter (2015) te parafraseren. Dat moet anders. Meer nadruk op opvoeden en minder behandelen. Wat heeft dit kind nodig? Wat hebben deze ouders nodig? Wat is in deze specifieke situatie passend. Dat zijn de vragen die gesteld zouden moeten worden. De woorden van Piet de Ruyter, hij was de eerste hoogleraar Orthopedagogiek aan de Vrije Universiteit Amsterdam en hield zich onder meer bezig met de ontwikkeling van de praktisch pedagogische gezinshulpverlening – klinken met de kennis van nu profetisch: orthopedagogiek is een bittere noodzaak geworden. Want als negen op de tien kinderen lekker in hun vel zitten, zullen het vooral de opvoeders zijn die hulp nodig hebben.

    De problemen waarmee de jeugdhulp en jeugdzorg te maken hebben, zijn dus even complex als simpel. Gedrags- en opvoedingsproblemen staan namelijk meestal niet op zichzelf. Ze hebben bijna altijd te maken met de sociale en maatschappelijke omgeving waarin ouders kinderen grootbrengen. Zo heeft armoede een grote impact op opvoeding en ontwikkeling van kinderen en jongeren. Voor beleidsmakers en de (lokale) politiek betekent dit dat voor adequate jeugdhulp er meer ‘ontkokerd’ zal moeten worden. Echte transformatie van jeugdzorg heeft pas kans van slagen als wij in plaats van de traditionele beleidsdomeinen, de dagelijkse ervaringen, zorgen en knelpunten van gezinnen met problemen centraal durven stellen. Zo leert ook de praktijk.

    Hulpverlening op de sportschool bijvoorbeeld. Zij blijkt soms veel effectiever (en leuker!) dan het (gemedicaliseerde) denkkader van binnen de ‘klassieke’ jeugdzorg. Zo leerde de praktijk binnen City Deal. Jonge ondernemers met een sportschool in Leeuwarden kwamen in contact met jongeren met meervoudige problemen, die ‘hulpverleningsmoe’ waren. De ondernemers, zelf ervaringsdeskundigen, wilden de jongeren in de sportschool helpen uit de problemen te komen door ze met behulp van sport discipline bij te brengen en ‘op te voeden’. Maar ze waren geen zorgaanbieder. Het resultaat: tevredenheid bij alle betrokkenen en de sportschool is inmiddels gecontracteerd zorgaanbieder geworden; tegen een scherp tarief.

    Meetellen en meedoen is voor ouders en kinderen het beste medicijn. Als wij dat aan ouders en kinderen weten mee te geven dan gloort er nieuwe hoop aan de horizon.

    Wat dat van ons vraagt? Kritisch naar het eigen handelen kijken. Aan de hand van een paar heel simpele vragen. Wat betekent meedoen voor onszelf? Hoe ziet onze wereld eruit? Hoe is het voor ons om op een onbekende plek te zijn? Wanneer voelen wij ons ergens welkom? Wat doen anderen daarvoor voor ons? En hoe zou dat zijn als ik aan de andere kant van de tafel zou zitten? Als ik die vader of moeder, dat kind of die puber was?

    Het antwoord op deze vragen kan ons helpen de juiste focus en houding aan te nemen. Want te vaak zijn bij ons, beleidsmakers en professionals, onze eigen idealen van ‘meedoen in de samenleving’ leidend in ons beleid en onze praktijk. Te vaak en te snel vergeten wij dat meedoen voor iedereen iets anders betekent. Zeker voor mensen in knellende posities. Niet onze norm moet leidend zijn, maar het ‘ideaal’ van de mensen voor en met wie wij werken.

    Ouders en kinderen moeten wij zien als een belangrijke en onmisbare partner met wie wij meepraten, meedenken en zo nodig meebeslissen over alle zaken die voor hen belangrijk zijn. Zij weten waarvoor zij hulp nodig hebben, dus hun hulpvraag en hun oplossingen moeten het uitgangspunt van onze hulp zijn. Niet het aanbod. Samen met ouders en kinderen moeten wij beslissen over de juiste ondersteuning. Samen met jeugdigen en hun gezinnen beslissen over het bij hun situatie passende maatwerk. Dat is de taak van jeugdzorg, jeugdbeleid, onderwijs en loopbaanbegeleiding. Om samen om deze mensen bij te dragen aan een samenleving die levenskwaliteit voor álle kinderen, jongeren en hun gezinnen hoog in het vaandel heeft.

    De focus moet daarbij liggen op de werkzame factoren binnen het opvoedings- en ontwikkelingsklimaat. Die moeten wij willen zien, herkennen en stimuleren. En in relatie daarmee de mogelijkheden van jeugdigen en hun gezinsleden ontrafelen en versterken. Want iedereen heeft een handvat. Het is alleen de kunst die op de juiste wijze te vatten.

    • De auteur, Peter Paul J. Doodkorte, is als senior-adviseur verbonden aan Vondel & Nassau, een landelijk werkend adviesbureau voor sociaal domein en overheden.

     

    Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers