Pleio

Engels | Nederlands

Gerelateerde blogs

In je eentje heb je gemakkelijk praten

In je eentje heb je gemakkelijk praten

Als je jezelf een beetje vergeet, ga je meer...
Online documenten: hoe gaat dat in z'n werk?

Online documenten: hoe gaat dat in z'n werk?

Al sinds jaar en dag zijn de documenten waar we...
Geen geheelmailonthouder meer

Geen geheelmailonthouder meer

Ik heb het gedaan.14 maanden lang heb ik...
Samen kunnen we meer

Samen kunnen we meer

Niet omdat het moet, maar omdat het kan Met...

Worteltaartfeest

    Kees Meesters
    • iedereen (publiek zichtbaar)
    • 6
    Door Kees Meesters 2008 dagen geleden

     0/5 Sterren (0)

    Een verhaal over Gerda Grutter en Gerard Groot

    Een verhaal over doorzetters en dwarsdenkers, doordouwers en vastpakkers. Een verhaal van, voor en over ons allemaal, verteld door Kees.

     

    Het was ergens in de negentiende eeuw, in een klein en gezellig Brabants dorpje, en het was koud. Het was heel koud, ondanks dat het pas eind november was. En het sneeuwde, niet erg hard, maar hard genoeg om niet ver weg te willen gaan. Ver weg was naar de Stad. Toch al gauw dik twee uur lopen heen en dik twee uur terug. Je moest, met dit slechte weer, toch wel een hele goede reden hebben voor zo’n onderneming.

    En die reden was er: de voorraad taartkaarsjeshouders voor het naderende Worteltaartfeest was op. Helemaal op. En ook de kruiden om nieuwe taarten te maken waren op. Voor het gezin van Gerda en Gerard was dat een regelrechte ramp. En dus ook voor de andere gezinnen in het dorp, want iedereen vierde het Worteltaart­feest altijd in de gezellig ingerichte, lekker warme boerderij van de familie Groot - Grutter. 

    Wat nu? En veel belangrijker: hoe zorgden Gerda en Gerard er voor dat dit nooit meer kon gebeuren? 

    Er was niet veel tijd om te treuren, er stond teveel op het spel. Zoals de honderd andere gezinnen en dus de bijna zevenhonderd kinderen in het dorp. Hoe moest dat met een Worteltaartfeest zonder kaarsjes? En toen bleek ook nog eens dat ook de thee bijna op was, en de lucifers, en de knabbelnootjes met chocolade, en de .....… 

    Dat kon toch allemaal niet zo maar gebeuren? Wat moesten de andere mensen wel niet denken van Gerda en Gerard? Er zat maar één ding op: gewoon gaan. 

    Gerard vermande zich en kleedde zich aan. Dikke jas, dikke handschoenen, zijn dikste klompen met dikke wollen sokken (waar een gat in zat dat niet gemaakt was omdat de stopwol ook al op was). Hij had het helemaal gehad, was er helemaal klaar mee en was er nu helemaal klaar voor. Dit niet weer met dit weer, eigenlijk nooit meer weer! 

    En zo begon de barre tocht naar de stad en terug. 

    Het was koud, heel koud en er stond een gure, oosten wind en het sneeuwde. Het sneeuwde niet hard, maar het was van die fijne sneeuw die tot onder je hemd doordringt. Gerard had het laatste beetje “antivries” meegenomen om warm te blijven. Hij baalde. Zelfs zijn voorraad kruidenbitter was zo goed als op. Hoe kon een mens nu lekker warm blijven in dit barre weer als er zelfs geen kruidenbitter meer is? 

    Gerard vermande zich en zette een stevige pas in, richting de Stad. Gelukkig had hij de wind in de rug en ging het smalle, hobbelige pad vooral bergaf en café-in-zicht. De reis verliep voorspoedig en Gerard dacht na over de terugreis. 

    Het viel voor Gerard niet mee om dat hele stuk weer terug te moeten lopen. Hij was net lekker op temperatuur gekomen. Met dank aan een gepaste werkvoorraad kruidenbitter. Maar toch. De handkar was tot de nok toe afgeladen met alles wat een normaal dorp nodig kon hebben om een barre winter door te komen. In ieder geval alles voor een gezellig Worteltaartfeest met het hele dorp. En daar kwam echt wel wat bij kijken: een hele handkar vol. Minimaal, want er was geen ruimte meer om de rest ook nog mee te nemen. 

    Het was koud, heel koud en er stond een gure, oosten wind en het sneeuwde. Het sneeuwde niet hard, maar het sneeuwde nu wel recht in Gerard’s gezicht. Het voordeel van wind in de rug draait altijd wel ergens een keer om in het nadeel van wind op kop. Dat keerpunt had Gerard net achter zich gelaten: de Stad. 

    Gerard zwoegde en ploeterde en bedacht allerlei manieren om het vanaf nu toch allemaal beter te laten gaan. Nooit meer zonder kruidenbitter, nooit meer zonder knabbelnootjes met chocolade. Nooit meer ... 

    Waarom organiseerde niemand anders het Worteltaartfeest? Er waren gezinnen met veel meer macht en veel minder kinderen en veel grotere boerderijen met pachters en, en, en. 

    Gerard bemerkte niet dat hij, al piekerend, met zijn handkar van het smalle, slecht begaanbare pad was geraakt. En al snel kwam hij klemvast te zitten in de kuilen van het pad, de struiken aan de ene kant en de smerige sloot aan de andere kant van het pad. Gerard schrok wakker uit zijn overpeinzingen. Hij kende dit pad wel: het pad dat je eigenlijk niet wil kennen omdat het nergens naar toe gaat. Eigenlijk had hij aan het begin van dit pad, op de gemiste afslag vanaf het iets minder onbegaanbare pad, vroeger al eens een bord willen plaatsen waarop met grote letters staat: “Pad naar Nergens (betreden op eigen risico)”. 

    En nu? Een oud gezegde schoot door zijn hoofd: beter ten halve gekeerd dan ten hele verdwaald. Het zag er vooral naar uit dat Gerard dat laatste wel kon bereiken, zeker als hij nu niets ingrijpends deed. En dus keerde Gerard terug.  Terug naar de gemiste afslag. Terug naar het net iets minder onbegaanbare, slecht onderhouden pad. Een pad naar een toekomst! Een betere toekomst, zijn toekomst. Een betere toekomst die hij zelf mee kon bepalen en bereiken. Een betere toekomst voor zijn gezin, voor zijn buren, vrienden, kennissen, zijn dorp. 

    Terug op het pad naar het dorp kwam Gerard enkele vage bekenden tegen. Ooit had hij ze wel eens ergens aan de buitenkant van het dorp gezien. Ze deden vooral dingen die hij misschien wel nodig kon hebben, maar Gerard had het veel te druk gehad met zijn dagelijkse dingen. En met alle mensen om hem heen die ook heel druk bezig waren met de dagelijkse dingen. Dat waren er zo verschrikkelijk veel en er kwamen ook steeds weer nieuwe dingen bij. Om gek van te worden. 

    Onderweg kwam het gezelschap in een hartverwarmend gesprek. Ze werden enthousiast van de wilde, nieuwe, andere ideeën die aan één stuk zomaar voor de dag kwamen. En ze kenden allemaal wel iemand die ook wilde dat het dorp veranderde van een suffe slaapplek tot een bron van inspiratie, kennis, kunde en erkenning voor de gehele streek. Misschien wel voor de gehele provincie, of … 

    Gerard kwam weer thuis en bruiste van energie: dit ging nooit weer gebeuren. En het weer, dat liet hij weer het weer. Daar heb je toch niet veel invloed op.

    Je toekomst, daar heb je wel invloed op. Weer of weer geen weer!

    Reageren is alleen mogelijk voor aangemelde gebruikers